WIJ ZIJN GEEN VEGERS EN GUMMERS

Jarige Sue Zuki’s Club is een vriendengroep die veilig en kalm toert.
door Frank Balkenende GOES -

Dagdromen bij de BP-pomp. De motorrijders die er hun tank komen vullen, de lederen overalls, het gegrom uit de brulpijpen, de mysterieuze helmen. Welk hoofd zou erin schuilgaan? Tja, baliemedewerkster Silvia Liplijn uit Goes moest en zou ook een motorfiets. Dus op motorrijles.
En hij kwam er, een Suzuki GS500 E. Ze richtte direct ook maar een motorclub op: Sue Zuki’s Club. Het moest een meidenclub (nou ja, Silvia was 41) worden. „Maar ja, ik kreeg zoveel geouwehoer in het gastenboek op de website. We zouden potten zijn, dat soort dingen. Die meidenclub heb ik maar snel uit het hoofd gezet.”
Dit jaar bestaat de Sue Zuki’s Club vijf jaar en zie, van de veertig leden is een kwart vrouw. Nog geen slechte score. Voldoende voor het blad Vriendin om er bij de oprichting een paginabreed verhaal aan te wijden. „We hebben ook in het Parool gestaan. Het is kennelijk bijzonder dat je als vrouw op een sportieve motor rijdt.”
De Vriendin. Op de foto stuiven Silvia, Anja Scheijbeler en Cobi de Kraker over Neeltje Jans. Drie flinke vrouwen met stoere motoren. Er reed natuurlijk net politie. De dames hadden geen helm op. Dus een hoop gezeur.
Nu, bij hun huis in de Goese Polder, rijdt de harde kern (Silvia en Kees Liplijn, Winand Cabo, Cobi de Kraker en Wilmar Wattel) van de Sue Zuki’s Club voor het fotomoment ook even blootshoofds. Prompt duikt een surveillanceauto op, maar nee, de agenten controleren verderop een caravan.
Silvia’s droom ooit een Suzuki GSXR te bezitten, is als een zeepbel uiteen gespat. Tegenover de passie voor het motorrijden „het geluid, de wind, het gevoel van vrijheid” staat de onoverwinnelijke angst voor ’de bocht’. „Ik dacht dat die angst met wat rijervaring zou slijten, maar nee. Ik rem te veel af en zet het gas er te laat op. Dan rij je verkrampt en da’s lastig voor de degene die achter je rijdt.”
Tegenwoordig zit ze bij man Kees achterop, ’lekker ontspannen’. Bijna altijd rijden ze in een groep, van vijf tot maximaal twintig man. Anders worden de pitsstops wel erg lang. En: rustig en veilig. „Wij zijn geen scheurneuzen, misschien omdat de meesten op latere leeftijd zijn gaan motorrijden.” Onlangs met negen man/vrouw naar Zuid Frankrijk, de Mont Ventoux en Alpe d’Huez over. Morgen naar een motorhotel in Groningen. „Bij ons is het vrijheid, blijheid. Je bent niet verplicht zoveel kilometers toerrit te maken, je betaalt geen lidmaatschap. Je moet alleen sociaal en gezellig zijn, we zijn een vriendenclub.”
Oh ja, zegt Cobi: „Vegers en gummers blieven we niet. We rijden veilig en gedisciplineerd. En nog belangrijker: we helpen elkaar. Laatst was iemand een kilometer voor onze camping in de Eiffel de bocht uitgevlogen. Naar het ziekenhuis, motor in de prak. Winand en ik zijn toen teruggereden naar Zeeland. Karretje halen en terug. Dat doe je toch voor een clublid?”
voor meer informatie: www.suezuki.50megs.com
UIT DE PZC VAN 6 JULI 2007